Grasdraakje

Grasdraakjes zijn erg klein en bewegen zich voort tussen het al wat langere gras. Dat doen ze het liefst als het geregend heeft en het gras nog nat is. Met hun slakkenlijfje glijden ze dan rond in het gras, liefst zo snel mogelijk. Hun grote drakenkam fungeert als zeil, en bij stormachtig weer kunnen ze enorme snelheden halen. Als het windstil is laten ze hun kam liever zakken.

Komen ze in de buurt van mensen staan ze stil, en steken ze hun puntoortjes omhoog, die de kleur hebben van korenbloemen. Je loopt hen dan zo voorbij, tenzij je de ‘bloemen’ wilt plukken, dan verdwijnen ze voor je ogen, alsof ze er nooit stonden.

Frederika, 48