Over Heestjes is nagenoeg niets met zekerheid geweten. Heestjes worden niet tot de dieren of planten gerekend maar kunnen ook geen geesten of fantasiewezens genoemd worden. Het wezentje is niets van dit alles en alles tegelijk. Ze zijn vooral te zien op plaatsen met weinig menselijke aanwezigheid, in wilde en ongerepte natuur overal ter wereld. Hoewel zelden te zien, duiken ze sporadisch ook op in natuurdomeinen en parken, in tuinen en uitzonderlijk zelfs bij kamerplanten, huisdieren of vee. Ze worden niet waargenomen op plaatsen waar geen planten of dieren aanwezig zijn, en contact met mensen is uiterst zeldzaam. Tot nog toe is het een mysterie waarmee Heestjes zich voeden. De vraag of en waar ze hun nesten maken en hoe ze zich voortplanten blijft alsnog onbeantwoord. Het vermoeden bestaat dat ze zichzelf zaaien, maar kleine of jonge Heestjes zijn nog nooit waargenomen. Ook over aantallen is in de verste verte niets geweten. Het is onduidelijk hoe Heestjes zich voortbewegen, ze verschijnen uit, en verdwijnen in het niets. Korte stukjes huppelen ze wel op hun twee klein pootjes. Soms is er ééntje te zien, soms verschijnen ze met tientallen. Heestjes maken geen geluid, maar hun indringende blik is veelzeggend. Het lijkt er wel op dat ze communiceren met planten en dieren, maar hoe ze dit doen is een raadsel. Heestjes zijn meestal twee á drie centimeter groot. Ze hebben een veelkleurige pels, verenkleed of schubben dat ze als een deken over een onzichtbaar lichaam dragen. Gemeenschappelijke uiterlijke kenmerken hebben ze niet, daardoor zien ze er allemaal anders uit. Heestjes spreken tot de verbeelding, maar het meeste wat erover geschreven en verteld wordt moet als verzinsel aanzien worden.
Bart, 56

